Clubgebouw ‘Industria’


 
Dam 27
Amsterdam
Foeke Kuipers
1916
Cultuur, Voorziening

Op de hoek van Dam en Rokin staat het clubgebouw ‘Industria’ van de Industrieele Groote Club (IGC). Het geldt als het hoofdwerk van architect Foeke Kuipers (1871-1954). Voor het ontwerp liet Kuipers zich inspireren door de nabijgelegen Beurs van Berlage. Een van zijn leermeesters was dan ook H.P. Berlage. Kuipers ontwierp niet alleen het gebouw, maar was ook verantwoordelijk voor het interieur.

Ideale locatie
De in 1913 opgerichte Industrieele Club was een nationaal centrum voor de groeiende Nederlandse industrie en handel. Direct na de oprichting werd het clubgebouw gebouwd door architect Kuipers. De locatie van ‘Industria’ was ideaal: langs de route naar het Centraal Station en dicht bij de bedrijvige Beurs van Berlage. De bouw verliep echter niet voorspoedig; bij het grondwerk stuitte men op overblijfselen van middeleeuwse sluismuren, en daarbij brak ook de Eerste Wereldoorlog uit. Uiteindelijk werd ‘Industria’ in 1916 in gebruik genomen.

Drie zakenclubs ineen
De IGC is ontstaan uit een fusie van drie clubs in 1975: het politiek leesgezelschap Doctrina et Amicitia (1788), de elitaire Sociëteit de Groote Club (1872) en de ‘nouveaus riches’ van de Industrieele Club (1913). De eerste twee gezelschappen fuseerden in 1922 tot de Groote Club Doctrina et Amicitia (D et A). Hun clubgebouw op Paleisstraat 1 werd tijdens de Tweede Wereldoorlog in beslag genomen door de Duitsers. Velen kennen het verhaal van de schietpartij vanuit de club tijdens de bevrijding. Een huurverhoging in de jaren zeventig zorgde ervoor dat de Groote Club (D et A) niet meer op haar plek kon blijven. Het leidde ertoe dat de Groote Club (D et A) verhuisde en met de Industrieele Club fuseerde; zo ontstond in 1975 de huidige Industrieele Groote Club.

Gemeenschapskunst
De invloed van de Beurs van Berlage is te zien in de gevel. Deze is opgetrokken uit baksteen afgewisseld met natuurstenen elementen die consciëntieus in het gevelvlak zijn weggewerkt. Elk gevelaanzicht is anders vormgegeven. Een toren met een koperen bekroning verdeelt de hoofdgevel in twee gevelvlakken. ‘Industria’ is ontworpen als ‘gemeenschapskunst’, hierbij ondersteunen en accentueren kunst en kunstnijverheid de architectuur. Kuipers maakte onder andere gebruik van pallisander- en ebbenhout, smeedijzeren lampen en hekjes, glas-in-lood, keramische tegels, marmer en velours. De drie middenverdiepingen worden in gebruik genomen door IGC. De rest wordt verhuurd. Er is sprake van een nieuw luxe boetiekhotel op de derde verdieping van Industria, maar dat is nog niet bevestigd. (Tekst: Francine van den Berg/ARCAM, foto: Jan de Wit)