Conservatorium Hotel


 
Van Baerlestraat 27
Museumkwartier
Amsterdam
Piero Lissoni, Andre van Stigt, Roberto Meyer
Lissoni Associati (interieur), Architectenbureau J. van Stigt (renovatie), Meyer & Van Schooten (uitbreiding)
Alrov Group
IQNN Vastgoed
Tram 2, 3, 5, 12, stop Van Bearlestraat
Hester Wolters, Rijkspostspaarbank / Conservatorium Hotel Amsterdam, voorbeeldig gerestaureerd. In: Nieuwsbrief Stichting Het Nederlandse Interieur 31-32, juli 2012, p.5 Dit project is o.m. gepubliceerd in Amsterdamse Architectuur 2011-2012; ARCAM POCKET 25. Klik hier voor meer boeken uit de reeks Â’ARCAM POCKETÂ’.
2008
2011-11-01
Cultuur, Leisure, Voorziening
 

Vijfsterrenhotel in voormalig bankkantoor

Het imposante pand op de hoek Van Baerlestraat / Paulus Potterstraat dat onderdak biedt aan het Conservatorium Hotel, werd in 1901 gebouwd als hoofdkantoor van de Rijkspostspaarbank. Deze bank was in 1881 door de staat opgericht om sparen onder arbeiders te stimuleren. Toen de bank eind negentiende eeuw uit de voegen van haar onderkomen aan de Stadhouderskade dreigde te groeien, werd grond aan de Van Baerlestraat aangekocht. Hier verrees tussen 1899 en 1901 het nieuwe bankgebouw, naar een ontwerp van toenmalig Rijksbouwmeester D.E.C. Knuttel. Het monumentale pand deed tot het opgaan van de Rijkspostspaarbank in de geprivatiseerde Postbank dienst als directiegebouw. In 1985 werd het in gebruik genomen door het Sweelinck Conservatorium. Toen dit in 2008 verhuisde naar nieuwbouw op het Oosterdokseiland, kreeg het vrijgekomen gebouw in stadsdeel Zuid een nieuwe bestemming als vijfsterrenhotel.

Voor die nieuwe bestemming moest het pand grondig worden verbouwd. Architectenbureau J. van Stigt, en Meyer en Van Schooten Architecten waren in een vroeg stadium als ontwerpers betrokken bij deze verbouwing. Na de tussentijdse verkoop van het pand aan een Israelische projectontwikkelaar werd de Italiaanse interieurarchitect Piero Lissoni aangesteld als projectmanager. Lissoni’s rol is beperkt gebleven tot de inrichting van het interieur, een taak waarin hij werd bijgestaan door OIII Architecten.

Toen in de jaren tachtig van de 20e eeuw het Conservatorium zijn intrek nam in het gebouw, zijn geluidsisolerende maatregelen genomen die het oorspronkelijke interieur aan het zicht onttrokken. In het kader van de herbestemming tot hotel werden authentieke elementen uit de tijd van het bankierskantoor zoveel mogelijk teruggebracht – soms zelfs op plekken waar ze eerder nooit hadden gezeten. Terrazzovloeren, houten lambriseringen, oude dakspanten en tegelwerken zijn opnieuw aangebracht of weer in het zicht gebracht. Verder is geprobeerd een sprekend contrast aan te brengen tussen oude en nieuw toegevoegde gebouwdelen. De atrium-overkapping in staal en glas, aangebouwd tegen de oude baksteengevels, is een duidelijk uitvloeisel van deze opzet. (ARCAM)