Damrak


 
Amsterdam
Bedrijven, Commercieel, Cultuur, Leisure, Openbare ruimte, Wonen
 

Damrak: toen, nu en voor altijd

Een ‘koek en zopie boulevard’. Een ‘seks en souvenirs allee’. ‘De lelijkste plek van Amsterdam’. De associaties van mensen met het Damrak liegen er niet om. Deze straat vormt voor veel buitenlandse bezoekers de eerste indruk van onze hoofdstad of zelfs van Nederland, en toch is dit visitekaartje al jaren verzonken in een diepe treurigheid. Hier gaat echter verandering in komen. In 2019 wordt de oplevering van het nieuwe Damrak in het kader van het Rode Loperproject verwacht.

Het Damrak maakte vroeger deel uit van de Amstel. Over de volle breedte van wat nu de straat is werden schepen geladen en gelost. In de negentiende eeuw werd het Damrak gedempt, onder meer in het kader van de bouw van het Centraal Station. Het station zou de nieuwe stadspoort van Amsterdam moeten worden, en het Damrak vormde de logische route naar het centrum van de stad. Met de demping zou een ruime allee gecreëerd kunnen worden van station naar stad, zoals in veel negentiende-eeuwse Europese steden. Deze ruimte werd echter al snel ingeperkt door de bouw van de Beurs van Zocher op de Dam – gesloopt in 1903 – en later de Beurs van Berlage en de Bijenkorf aan de oostzijde van de straat.

Ook nu is het Damrak niet de welkome entree die je zou verwachten van een stad als Amsterdam. Veel mensen kennen het Victoria Hotel aan de stationskant en uiteraard de Beurs van Berlage, de Bijenkorf en het C&A-gebouw aan de stadskant, maar wat daar tussen ligt kan eigenlijk niemand goed zeggen. De honderdduizend mensen die de straat dagelijks passeren, waaronder veel toeristen, hebben gezorgd voor een aanbod van fastfoodketens, souvenirwinkels, gokhallen en louche bars. De soms bijzondere gevels van de bebouwing vallen haast niet op tussen de reclameborden en neonletters. Te midden van vervallen aangrenzende gebouwen staan bijvoorbeeld het kantoorgebouw en magazijn ‘De Utrecht’ van J.F. Staal en A.J. Kropholler. Het kantoorgebouw heeft kenmerken van de Jugendstil, terwijl het magazijn in een wat abstracte, modernere stijl is gebouwd. De potentie is er dus, het moet er simpelweg nog goed uitkomen.

Op initiatief van Stadsdeel Centrum wordt sinds 2003 gewerkt aan een plan voor een mooie openbare ruimte van het Centraal Station tot het Weteringcircuit. Deze route en het plan worden beide aangeduid met de naam ‘Rode Loper’. Het Damrak opent de Rode Loper en is daarmee een belangrijk onderdeel van het plan. Doel is de toename aan voetgangers door een groeiend toerisme en de Noord/Zuidlijn op te vangen door aan beide straatzijdes het trottoir te verbreden. Ook wordt meer ruimte gecreëerd door het verdwijnen van de halteplaatsen voor touringcars. Het Beursplein tussen de Bijenkorf en de Beurs van Berlage moet weer een geheel gaan vormen met het Damrak en zal als verblijfsruimte worden ingericht. De Beurs van Berlage zelf zal ook een meer openbare functie krijgen. Het idee is om er een toegang tot Amsterdam van te maken, met een samenhangend geheel van winkels en horeca die in hun producten een band met Nederland of Amsterdam laten zien. Hierbij moet niet gedacht worden aan de kazen en klompen van de souvenirwinkels, maar eerder aan bijvoorbeeld design.

Park Plaza is gekomen met een hotel uit het Art’otel-concept, waarin kunst, cultuur en architectuur een sleutelfunctie vervullen. Het is gevestigd in het Kadastergebouw naast Hotel Victoria en is in de loop van 2011 geopend. De gemeente heeft de vergunning van een aantal hotels en restaurants inmiddels ingetrokken en een aantal panden aangekocht. Daarmee kan begonnen worden aan de upgrade van de straat. Ook het modernistische C&A-gebouw zal eraan moeten geloven en wordt compleet herontwikkeld. Voorlopig zijn concrete plannen voor nog niet voorhanden. Wel is in de voormalige kantoorruimte van C&A het Arts & Crafts Lab gevestigd. Deze tijdelijke creatieve broedplaats biedt ruimte aan een mix van individuele kunstenaars, innovatieve commerciële bedrijven en instellingen in de creatieve sector. Hopelijk is dit een tipje van de sluier en zal het nieuwe gezicht van het Damrak de komende jaren steeds verder onthuld worden. (ARCAM/Rozemarijn Stam)