Hoofdkantoor Gooische Stoomtram Maatschappij


 
Middenweg 65
Amsterdam
Voorziening
 

Aan de Middenweg in Oost is het voormalige hoofdkantoor te vinden van de Gooische Stoomtram Maatschapij. Op de gevel is die functie nog steeds af te lezen. In 1880 werd het bedrijf opgericht om Amsterdam via Diemen te verbinden met het Gooi. In 1881 werd het hoofdkantoor gebouwd in de toenmalige gemeente Watergraafsmeer, die in 1921 bij Amsterdam werd gevoegd. Tegenwoordig rijdt tram 9 een deel van de toenmalige route en komt daarmee langs het gebouw, herinnerend aan haar voormalige functie.

Van 1880 tot 1939 konden Amsterdammers via de Watergraafsmeer en Diemen met de tram naar het Gooi, met als eindbestemming Hilversum. Startpunt was station Weesperpoort, nu het Rhijnspoorplein, dat in 1939 plaats moest maken voor het Amstelstation. Vanaf daar reed de tram verder over de Wibautstraat om vlak voor het spoor linksaf te slaan. Op de hoek met de Linnaeusstraat sloeg de tram rechtsaf. Vanaf daar reed deze rechtdoor, over de Middenweg, richting Diemen, Muiden, Muiderberg en verder het Gooi in.

Aan het einde van de negentiende eeuw, waren mensen nog niet erg gewend aan de tram, wat leidde tot veel ongelukken met soms dodelijke afloop. De bijnaam ‘Gooische moordenaar’ was voor de lijn dan ook snel gevonden. Een gedichtje uit 1924 herinnert nog aan de beruchte reputatie van het trammetje: ‘Als de Gooische Stoomtrein komt: Mensch! Pas op je leven! Je zit, komt dat ding er aan, steeds in angst en beven!’. Toen in 1947 de laatste rit gereden werd, waren in totaal 117 mensen omgekomen door de Gooische moordenaar. De tram voorzag in de wens van veel mensen om de stad uit te gaan, richting de natuur en het water. Je moest er wel even tijd voor uittrekken: een tramritje van Amsterdam naar Muiderberg duurde 65 minuten.

Het hoofdkantoor aan de Middenweg was tevens de remise van de tram. Tramrails liepen aan de linkerzijde van het gebouw naar de achterkant, waar de trams opgesteld stonden. Daar was ook de werkplaats voor de voertuigen. Het pand bestaat uit drie lagen en een zolder, opgetrokken uit natuur- en baksteen. De onderste laag bestaat volledig uit natuursteen, die aan weerszijden naar boven loopt. Op de derde laag zijn classicistische elementen te vinden, zoals zuiltjes en een fronton. Daarmee past het gebouw in de neoclassicistische stijl, die gangbaar was in de negentiende eeuw. (ARCAM/RB)