Huize Lydia


 
Roelof Hartplein
Amsterdam
J. Boterenbrood
Tram 3, 5, 12, 24
Joseph Buch, Een Eeuw Nederlandse Architectuur 1880-1990, p.111-112, Rotterdam 1994
1927
Wonen

Voormalig rooms-katholiek tehuis voor vrouwen en meisjes

Het van oorsprong rooms-katholieke tehuis voor vrouwen en meisjes heeft de voorbije eeuw verschillende functies gehad, o.a. als huis voor verpleegsters in opleiding. Tegenwoordig heeft het voornamelijk een buurtfunctie. Het gebouw van de tweede generatie Amsterdamse School-architect J. Boterenbrood werd door critici na oplevering zeer verschillend ontvangen. Wat de één onsamenhangende elementen noemde, was volgens de ander fantasierijk. Feit is dat Boterenbrood met zijn ontwerp uit verschillende volumes één coherent geheel probeerde te smeden, wat maar ten dele is gelukt.

Een aantal van de toegepaste elementen komt rechtstreeks van de pionier van de Amsterdamse School, Michel de Klerk. Met name het paraboolvormige raam en de met lood beklede dakruiter zijn onmiskenbaar ontleend aan gebouwen van De Klerks hand in respectievelijk de Rivierenbuurt en de Spaardammerbuurt.

Het nagenoeg ontbreken van ornamenten en daarmee het verzwakken van het expressionisme dat eerdere architecten binnen de Amsterdamse School zo typeerde, illustreert een generatiekloof tussen Boterenbrood en zijn voorgangers. Samen met de andere bouwblokken aan het plein, van onder anderen de architect J.F. Staal, toont Huize Lydia een overgangsstijl tussen de Amsterdamse School en een meer orthogonale bouwwijze. (ARCAM/JV)