Koninklijk Instituut voor de Tropen (Tropenmuseum)


 
Linnaeusstraat 2
Amsterdam
J.J. en M.A. van Nieukerken
Vereeniging Koloniaal Instituut
Tram 3-7-9-10-14
Michaël Lucassen, Inez Kloosterman, J.J. van Nieukerken (1854-1913), M.A. van Nieukerken (1879-1963), J. van Nieukerken (1885-1962). Architectuur als ambacht - ontwerpen voor het patriarchaat, Rotterdam 1998; J. Woudsma, Een markant gebouw in Amsterdam-Oost. Het Koninklijk Instituut voor de Tropen, Amsterdam 1990.
1926
Kantoren, Leisure
 

Het Koninklijk Instituut voor de Tropen

Het Koninklijk Instituut voor de Tropen is een opvolger van het Koloniaal Museum te Haarlem uit 1871. Vanwege ernstig ruimtegebrek maakte dat museum vanaf 1900 plannen om een nieuw gebouw in Amsterdam te betrekken. Het zou naast een museum ook een onderzoeksinstituut worden, met een bibliotheek, een grote aula en cursuslokalen.

In 1910 startten de bestuursleden van de Vereeniging Koloniaal Instituut met de inzameling van geld bij particulieren, instanties, bedrijven, het rijk en de gemeente. Die laatste zegde een terrein toe op de voormalige Oosterbegraafplaats aan de Mauritskade, aan de rand van het Oosterpark dat in 1894 door L.A. Springer was aangelegd. In 1916 werd het park door Springer heringericht. J.J. van Nieukerken werd uit een drietal architecten als de meest geschikte voor de opdracht geselecteerd. Toen hij in 1913 kwam te overlijden, nam zijn zoon M.A. van Nieukerken de opdracht over. Ondanks klachten van de schoonheidscommissie en vakgenoten over de ouderwetse stijl en de chaotische plattegrond, werd in 1915 met de bouw begonnen. De bouw duurde meer dan tien jaar vanwege tegenslagen van diverse aard, zoals een verwoestende storm en schaarste aan bouwmaterialen tijdens de Eerste Wereldoorlog. Op een oppervlak van 44.000 vierkante meter verrees de gewapend betonconstructie met houten kappen. De bakstenen gevels werden gedecoreerd met graniet, marmer, muurschilderingen en beeldhouwwerken van Franse kalkzandsteen. Voor de programmering van de beeldhouwwerken werd een speciale Commissie van Symboliek in het leven geroepen die onderwerpen uit de vaderlandse en koloniale geschiedenis, wetenschap en handel selecteerde en daar passende kunstenaars bij zocht. De naam van het Koloniaal Instituut werd na de onafhankelijkheid van Indonesië in 1950 veranderd in Koninklijk Instituut voor de Tropen (KIT). In de periodes 1968-1978 en 1989-1990 is het gebouwencomplex gerestaureerd, heringedeeld en uitgebreid. (ARCAM/DH)